Wereldoriënterende
vakken
Aardrijkskunde, geschiedenis en natuuronderwijs zijn wereld-oriënterende
vakken. In groep 1 en 2 werken we hier spelenderwijs aan. Meestal gebeurt
dit aan de hand van thema’s die dicht bij de leefwereld van de
kinderen staan, bijvoorbeeld de seizoenen, het strand, de dierentuin,
en eten en drinken. Bij jonge kinderen is het belangrijk om daarbij
alle zintuigen te betrekken. Dus niet alleen iets van een afstand bekijken
maar het ook ruiken, voelen, optillen, etc. We gaan dan ook soms met
de kleuters op stap om de thema’s levend te maken. Een uitstapje
naar een museum, een theatervoorstelling of het bos zijn daar voorbeelden
van. Zo gaan we minstens één keer per jaar met groep 1
en 2 naar het nabij-gelegen Museon waar de kinderen een speciale les
krijgen over hun eigen lichaam. Ze mogen zichzelf dan wegen en meten,
en praten over wat gezond eten is en wat niet. In groep 3 en 4 werken
de kinderen met het schooltvprogramma ‘Huisje, boompje, beestje’.
Hierbij komen allerlei wereldoriënterende onderdelen aan bod.
Aardrijkskunde
Vanaf groep 5 wordt er gewerkt met Geobas (4e edities). Bij de ontwikkeling
van Geobas is bovendien rekening gehouden met de laatste inzichten en
ontwikkelingen in het vak aardrijkskunde, de domeinbeschrijvingen van
het Cito, het PPON en natuurlijk de eindtoets basisonderwijs. Deze methode
biedt:
• Gedegen inhoud met veel achtergrondinformatie;
• Leren van en met beeld;
• Losse leerlijn topografie;
• Heldere structuur met duidelijke differentiatie- en keuze-mogelijkheden;
• Werkboeken, antwoordenboeken en topografiewerkboeken -geheel
in kleur;
• Veel mogelijkheden voor zelfstandig werken;
• Aardrijkskundige begrippen in woord en beeld uitgelegd.
Topografie
• Differentiatiemogelijkheden;
• Apart topografiewerkboek (in kleur);
• Aparte topotoetsen.
Geschiedenis
Dit schooljaar gaan we voor het eerst werken met de nieuwe -methode
‘Tijdstip’. ‘Tijdstip’
is een aanschouwelijke methode die ook minder taalvaardige en/of visueel
ingestelde leerlingen zal aanspreken. Extra steun vinden ze bovendien
in de korte tekstblokken en de verklarende woordenlijsten (kopieerboek).
‘Tijdstip’ is zorgvuldig afgestemd op het leesniveau van
de kinderen. Daarnaast zijn de leerinhouden gefaseerd opgebouwd en sluiten
aan bij de ontwikkelingsfase van de kinderen.
Gericht op inzicht
De kinderen leren de tien tijdvakken in hun onderlinge samenhang herkennen,
beschrijven en verklaren. Ze leren ze in de tijd plaatsen aan de hand
van een tijdbalk.
Veelzijdig beeld
‘Tijdstip’ belicht de geschiedenis vanuit verschillende
invalshoeken. Niet alleen de grote namen maar ook de “gewone mensen”
komen aan bod. Dat geeft een genuanceerd beeld van het verleden en wekt
de belangstelling.
Herkenning en beleving
Beleving is een belangrijk didactisch instrument: herkenbare -perioden
en invalshoeken, levendig beeldmateriaal, boeiende verhalen, gevarieerde
opdrachten.
Doorgaande lijn
‘Tijdstip’ biedt een doorgaande leerlijn voor de groepen
5 t/m 8; thematisch in groep 5 en chronologisch in groep 6 t/m 8
Nieuwe kerndoelen
‘Tijdstip’ voldoet aan de nieuwe kerndoelen. In groep 6
t/m 8 wordt dan ook de chronologische opzet van de tien nieuwe tijdvakken
gevolgd. Voor de kinderen zijn deze perioden herkenbaar, ze brengen
de geschiedenis dichtbij.
Natuur &
Techniek
Dit jaar gaan we vanaf groep 5 werken met de nieuwe methode ‘Wijzer
door de natuur en techniek’. In de wereld van natuur en techniek
is veel te ondernemen en te ontdekken. ‘Wijzer door natuur en
techniek’ daagt de kinderen uit! Voor kinderen is dit onderwijs
belangrijk. Ze hebben er elke dag mee te maken: hun eigen lichaam, planten
en dieren, natuurwetten en apparaten en gebouwen vol techniek. Er valt
dan ook van alles te beleven en
te ontdekken. Vooral door zelf te experimenten en waarnemingen te doen.
Wie houdt niet van proefjes en experimenten?
De lessen kunnen zelfstandig worden verwerkt of klassikaal worden gegeven.
De leerstof wordt verwerkt met de opdrachten in het werkboek. Elke les
heeft minimaal een opdracht waarbij leerlingen moeten experimenteren
of waarnemen. Hierbij horen verdiepingsopdrachten op de kopieerbladen.
De opdrachten zijn gevarieerd
in vorm en inhoud en er is veel aandacht voor het visuele aspect. Bij
de methode hoort uiteraard ook een uitgebreid sofware pakket met interactieve
oefenopdrachten, animaties en internetlinks (naar SchoolTV).
Bij de methode ‘Wijzer
door natuur en techniek‘ worden ook de groepen 1-4 betrokken.
Groep 1-2 gaat werken met een activiteitenmap bestaande uit acht themakaternen
en één algemeen katern. De basisstof van groep 3 en 4
bestaat per jaargroep uit 18 lessen van ieder 40 minuten.
De thema’s zijn gekozen op basis van hun herkenbaarheid. Natuur,
tijdsbesef en ruimtelijke oriëntatie en ordening zijn hierbij de
belangrijkste aspecten.
Torteltuin
Sinds 2010 hebben wij op de locatie JdG een echte Torteltuin. Deze tuin
is tot stand gekomen in samenwerking met de Stichting Elementree. Er
zijn bomen gepland, -kinderen hebben één-jarige plantjes
gepland, maar ook een sinaas-appelboompje, struiken, groenten, etc.
Verder zijn er zogenaamde insektenhotels gemaakt en paadjes aangelegd.
In de Torteltuin kan er ook buiten les gegeven worden. Alle kinderen
werken met hun klas volgens een schema in de Torteltuin en houden deze
bij.
Verkeer
Vanaf groep 3 wordt er gewerkt met de methode ‘Wijzer door het
verkeer’. Deze methode zorgt ervoor dat de kinderen zich de -verkeerstheorie
en het verkeersbewustzijn eigen maken. Zo leren zij een verantwoord
verkeersgedrag aan. In groep 7 doen de kinderen een praktisch en theoretisch
verkeersexamen (3VO).
Wereldgodsdiensten
Op onze school worden er geen aparte godsdienstlessen gegeven. In de
wereldoriënterende vakken wordt er, conform de kerndoelen van het
ministerie, voldoende aandacht besteed aan de diverse wereldgodsdiensten.
Projecten
Vanaf groep 5 houden de kinderen per jaar een spreekbeurt en een boekbespreking.
Ook werken de kinderen vanaf groep 6 aan één à
twee projecten per jaar. Hierbij leren de kinderen informatie te verwerken
rondom een onderwerp en dit te presenteren.
|